RAC, L. Bierens, 1e van der Kunstraat

L. Bierens, Rijks Automobielcentrale (RAC)

Mijn eerste baan was bij een automobielbedrijf, Marten Rosier, importeur van SIMCA en TEMPO, aan de Wegastraat, een zijstraat van de Binckhorstlaan. Hij had daar een grote garage met een showroom en een kantoor erboven. Ik werkte op het kantoor op de boekhouding. Mijn vader was een keer aan het werk bij de RAC. Ik werkte toen een jaar bij Rosier en had het niet echt naar mijn zin. Hij heeft voor mij geregeld dat ik bij de RAC kon gaan werken, in het magazijn.

RAC, stroefheidsmeter, 1e van der Kunstraat, 1968.

N. Plugge, Rijksautomobiel Centrale (RAC)

Toen ik wagenparkbeheerder was, met alles wat we dus hadden, voor de dienst, en daar valt dus niet onder de Rijkspolitie, daar valt niet onder Defensie en het Ministerie van Landbouw, maar de rest van de overheid voertuigen, die hadden wij dus in aankoop en in onderhoud en dat waren er 15.000. Die kwamen bij de werkplaatsen, die we overal hadden en waar we niks hadden, gingen ze naar particuliere garagebedrijven. Dat was dus weer één van mijn taken.

RAC, 1e van der Kunstraat, 1982

J. Smits, Rijksautomobiel Centrale (RAC)

In het begin heb ik gezeten aan werk voor andere Rijksdiensten, alles wat geen PTT-dienst was, die moesten verplicht langs de RAC. Als er een auto gerepareerd werd, dan ging dat, ook bij derden, dan ging dat via ons. Later… we hadden geweldig veel werk van al die auto’s, we hadden er tienduizend en die moesten allemaal afgeschreven worden naar de kilometers die ze maakten. Een auto werd ieder jaar minder waard en de reparatiekosten gingen meer stijgen.

RAC, werkplaats, 1e van der Kunstraat, 1970

J. Verhoeff, Rijks Automobiel Centrale (RAC)

Met de recente herontwikkeling van de RAC-hallen, die in 2020 op gang kwam, richtten we ons als SHIE ook op de historie van het bedrijf. In een serie interviews spraken we met oud-werknemers. Eén van hen is Joop Verhoeff, die in 1974 als automonteur in dienst kwam bij het bedrijf en als service-adviseur in 1999 de RAC verliet. “Toen ik daar in 1974 kwam, was ik dus… dat heette toen zo mooi employé 3

Philips, Televisiestraat 2-4, fabricage PRX centrale, 1973

J. van Beek, Philips telecommunicatie

Wij maakten telecommunicatie apparatuur, dat zijn relais, kiezers en allerlei elektrische apparaatjes en die moesten met draadjes aan elkaar verbonden worden. En die draadjes werden gebundeld tot een draadboom en die draadbomen moesten eerst getekend worden, eerst opgemeten en dan kwam er een tekening tevoorschijn. Een hele grote tekening en die werd naar de fabriek gestuurd en die spijkerden die tekeningen dan op een plank.

J. Hengeveld, AWO – van den Berg

“De voorbereidingen van de kraan, de complete kokerligger werd gemaakt, wielkasten, alles werd uitgelijnd, het werd gestraald, het werd geverfd en als dat helemaal geverfd en gestraald was, ging dat compleet op een platte wagen met een trekker. Dat werd aan de Fruitweg helemaal geassembleerd. Dan werden dus de bedradingen, de rails, de motoren werden erop geplaatst en als die dan helemaal klaar was dan werd ie getest. Nou als dat dan helemaal klaar was dan werd er een vrachtwagen geregeld om dat te verplaatsen.”

Jubileumboek van de Gasstichting, Parkweg, 1954

J. Bakker, De Gasstichting

Dankzij de oproep van de SHIE voor verhalen van de werkvloer melden zich nog steeds interessante mensen met een bijzonder werkverleden. Deze Echo van de werkvloer vertelt het verhaal van de heer J. Bakker, die als specialist op het gebied van de gastechniek werkzaam was bij de Gasstichting. Dit was één van de vele landelijk opererende instellingen, die dichtbij de centrale overheid, in Den Haag gevestigd was.

Philips, Stortenbekerstraat 177, 1954.

A. Spaargaren, Philips telefooncentralefabriek

Ik moest die apparaten die d’r stonden, die werden dan dwars in een bank gelegd en dan kreeg je draden die allemaal al aan elkaar zaten, kabels, met allemaal verschillende kleurtjes en die moest je erin solderen. In die stiften daar zaten drie gaatjes dus dat moest bijvoorbeeld in het achterste gaatje gesoldeerd worden en die in het voorste gaatje. Daar kreeg je dan een dag voor, acht uur en als je dat in zes deed dan kreeg je acht uur uitbetaald. Dus als je handig was en je een beetje ingewerkt was, omdat ik bij Siemens had gewerkt was ik al een beetje met dat spul vertrouwd geraakt, dus ik verdiende al heel snel f 30,-,