Hier treft u de laatst verschenen editie aan van de Haagvaarder. De Haagvaarder verschijnt vier keer per jaar in februari, mei, augustus en november.
U kunt een gratis proefexemplaar van de Haagvaarder aanvragen door een email te sturen met uw naam en adres aan info@shie.nl.

Haagvaarder 104 (hoofdartikel)

Bladeren door de tijd, het Haagse bedrijfsblad

Veel is nog onbekend over de eerste Haagse bedrijfsbladen. Af en toe duikt een los exemplaar op, zoals een ‘feestnummer’ van Ons Belang van de coöperatie Eigen Hulp uit 1888. Het blaadje suggereert iets van een bedrijfsblad te zijn, maar uit de tekst wordt dit niet duidelijk. Voor een echt bedrijfsblad komen we uit in de jaren 30, de Drukkerij-Gids, uitgegeven door en voor het personeel van de Zuid-Hollandsche drukkerij. Ook Bij en Korf dateert uit die tijd en hierin kreeg de Haagse Bijenkorf volop aandacht. Een ander voorbeeld is het blad Interessant van de industrie- en handelsonderneming J.P. Wijers, die in Den Haag aan de Prinsegracht een vestiging had.

Glorietijd

In de jaren 1940 – 1960 beleefde het bedrijfsblad misschien wel zijn hoogtepunt. Het beeld dat we als SHIE hebben uit deze periode, is inmiddels minder fragmentarisch als voor de vroegste periode. Van particuliere bedrijven zijn zo’n 40 namen van

bladen bekend en van 30 heeft de SHIE ook jaargangen of losse exemplaren gezien. Daarnaast kende ook de gemeente Den Haag een algemeen bedrijfsblad Den Haag & Wij en nog 25 andere tijdschriften van gemeente-afdelingen. In sommige bedrijfstakken liepen de uitgaven nog lang door. De komst van de digitale nieuwsbrief betekende ongetwijfeld veelal het einde voor het gedrukte bedrijfsblad.

Van stencil tot drukwerk

Veel van de bedrijfsbladen startten in een eenvoudige vorm, een matige papiersoort en met een stencilapparaat vermenigvuldigd. Het gestencilde ‘huisorgaan’ Onze Werkplaats van de Centrale Werkplaats van de PTT is daar een goed voorbeeld van. Het enige plaatje is een afbeelding in de kop van het eerste CWP-gebouw aan de Binckhorstlaan. Sommige blaadjes kwamen het gestencilde tijdperk niet te boven. Een volgend stadium in uitvoering was soms een in offset gedrukt omslag, zoals bij PTT Postkontakt. Bij de grotere bedrijven steeg de oplage vanaf de jaren 50 aanzienlijk en was drukwerk noodzakelijk. Dan verschijnen ook mooi uitgegeven bladen, zoals VEHA Pers waarvoor zelfs een fotograaf aangetrokken werd om ‘rapportages’ te maken. De toepassing van fotografie werd vanzelfsprekend steeds belangrijker in de bladen, ook door amateurfotografen. De Escher Klok vormt wat dit betreft een goed voorbeeld. In dit blad verschenen regelmatig foto’s van de vorderingen rond de bouw van de nieuwe fabriek aan de Zonweg, maar ook van de eigen producten, die elders in het land werden opgebouwd.

Veel interessante verhalen

De intro van het blad geeft vaak al een goede indruk van de sfeer van het tijdschrift. Ook wordt duidelijk of er een onafhankelijke redactie aan het werk is of dat er een door het bedrijf gecontroleerd orgaan wordt volgeschreven. Soms is het de directeur zelf die standaard de eerste pagina’s vult. Zo treffen we in de Escher Klok openingsartikelen in belerende toon van directeur ir. Anne Escher. Ook in de rubriek “Van de brug” in het blad Contact van Peek & Cloppenburg spreekt de directie.

Veel interessanter zijn de artikelen die medewerkers verzorgen over geleverde producten of lopende projecten. Ook daarvan zijn voorbeelden in de Escher Klok en VeHa Pers te vinden. Zeer informatief zijn de artikelen die worden gewijd aan de fabricage van specifieke producten, zoals van “staalplaat tot kolomradiator”.

Bijzonder is de aandacht voor de komst van de ‘gastarbeiders’. Dit nieuws duikt op bij de grote productiebedrijven als Van Heijst, Laurens en Van der Heem. Van Heijst interviewt de nieuwe werknemers en plaats er foto’s bij. Laurens doet het meer beschouwend, maar geeft een serie artikelen in het Turks als een soort inburgeringscursus voor de nieuwe medewerkers.

Niet alle informatie is even interessant voor het onderzoek naar de economische geschiedenis. De vaste rubrieken, zoals personeelsrubrieken ‘U en de Uwen’ of ‘Onze Burgerlijke Stand’ zijn voornamelijk voer voor genealogen. Ook de puzzelpagina’s en fotorubrieken vormen niet de inhoudelijk sterkste bijdragen. De sportpagina’s, die vaak uitgebreid zijn, zijn vanuit historisch perspectief wel weer interessant.

Vergeten bronnen

Dit artikel geeft slechts een klein inkijkje in de wereld van het bedrijfsblad. Veel ontbreekt nog Dus helpt u mee zoeken? De SHIE-website zal de komende tijd meer laten zien en bij ieder ‘ontdekt’ blad komt een inhoudelijke toelichting.

Koos Havelaar