Haagvaarder 108 (hoofdartikel)

De slagerij van familie Van den Broek – Toen en nu

Slagerij Van den Broek, Reinkenstraat, ca. 1980

Een fraai bewaard winkelpand van de Reinkenstraat is de slagerij op de hoek van de Obrechtstraat. Het familiebedrijf van de huidige slager Peter Jan van den Broek staat in een lange Haagse traditie van handel in vee en vlees.

Slagerij P. van ’t Riet, anno 1896

De winkel werd in 1896 in opdracht van P. van ’t Riet gebouwd als slagerij en is sindsdien onafgebroken als slagerij in gebruik gebleven. Zijn neef en opvolger liet 1926 de winkel verbouwen door architect M.F. van der Gugten. Het kostte 10.000 gulden, een groot bedrag in die tijd. Het woongedeelte achter de winkel werd ook bedrijfsruimte en er kwam een werkruimte, een ijskast, een schaftlokaal en een kantoor. In de winkel kwam een toonbank en een ruimte voor de kassière en rekken met vleeshaken. Het resultaat in art déco stijl mocht er zijn, met de naam in een kleurig tegeltableau op de gevel, glas-in-lood ramen en bijzonder tegelwerk, muurlantaarns en plafondlampen in het interieur. De slagerij ging in 1946 over naar de familie Waaijer en in 1979 naar de familie Van den Broek, maar veel van het interieur bleef intact. Bij latere moderniseringen van het interieur werden de bijzondere blauw-gevlamde tegels met zorg teruggeplaatst en ook de unieke zwart-witte vleeshaken van gips werden na schade gerestaureerd. In het tegeltableau met het opschrift P. van ’t Riet en zonen, vleeschhouwerij, gevestigd 1896 ontbreekt alleen het stukje boven de ingang, dat verloren is gegaan bij het instorten van de erker erboven.

Haagse slagersfamilies

Slagerijen waren van oudsher familiebedrijven die overgingen van vader op zoon. Bekende namen zijn Dungelman, de Haas, Slootweg, Verwoerd, Blonk, Waaijer en Offers. Ook Van ’t Riet met zijn deftige winkel kwam uit een grote slagersfamilie. Hij was een ‘herenslager’ en zijn opvolger Waaijer ook. Een herenslager verkeerde in nette kringen en maakte geen reclame. Bestaande slagerijen dragen vaak nog deze vertrouwenwekkende namen, maar zijn overgegaan naar nieuwe eigenaren. Ook Peter Jan van den Broek vertegenwoordigt misschien wel als laatste zo’n lange familielijn. Zijn overgrootvader had een slagerij in de 1e van den Boschstraat, zijn grootvader werkte op de Laan van Nieuw Oost-Indië, en zijn vader in de Elboogstraat. Twee ooms en twee neven hadden hun zaken op de Beeklaan, de Voorthuizenstraat en het Weteringplein. Zoon en opvolger Peter wordt de vijfde generatie in de familie.

Van koe tot klant

In de winkel hangt een ingelijst tegeltableau van de stier van Potter, afkomstig van de toonbank in de oude slagerij van zijn andere grootvader Jan Offers aan de Fahrenheitstraat. Als jongen ging hij ’s morgens vroeg voor schooltijd mee met deze opa om koeien te kopen voor de slacht. Eerst nog in Den Haag, later steeds verder weg op de markt in Leiden, Rotterdam of Den Bosch. De koe werd geslacht en de delen werden in de winkel opgehangen, goed zichtbaar voor de klant. Als de koe op was kon je als slager nee verkopen. Tegenwoordig wordt het vlees in kleinere stukken bezorgd door vaste leveranciers. Daarna gaat de slager aan de slag. Bijna alle vleeswaren en worst worden nog in de zaak bereid, gekookt en gerookt. Het assortiment is uitgebreid, met door de expats gevraagde specialiteiten en na het vertrek van de poelier uit de straat met kip en wild. De klant is kieskeuriger en nee verkopen is er niet meer bij.

Marja Langenberg

Bronnen