Historisch overzicht

1837  H. Bouman, zoon van een Nijmeegse zadelmaker, vestigt zich als zadelmaker aan de Houtweg.

1844  Het bedrijf verhuist naar de Denneweg 66 en neemt daar de werkplaats van Costerman over. Naast de zadelmakerij verkoopt de firma ook rijtuigen in die tijd een logisch gang van zaken.

1874  Zoon Johannes Hendricus legt zich toe op zadels en tuigen. Stalmeester Bentinck van de Koninklijks Stallen koopt hier zijn tuigen en zadels. Ook levert Bouman aan kastelen zoals Twickel in Delden en Middachten in De Steeg. De naam Bouman wordt op het tuig gedrukt wat niet erg gebruikelijk is in deze sector. De verkoop van rijtuigen stopt. In het bedrijf worden ook koffers vervaardigd.

1892  Bouman verwerft het predikaat Koninklijk.

1898  Een eervolle opdracht, het vervaardigen van een achtspantuig voor de Gouden Koets.

1936  D.J. van Fulpen, dan firmant van J.H. Bouman, overlijdt. Hij was de beoogd opvolger.

1937  De zaak wordt voortgezet door W.F. Jonas en zijn zoon J.C. Jonas, die samen al een zaak drijven. W.F. Jonas werkte eerder 33 jaar bij Bouman. De firmanaam wijzigt in Jonas-Bouman.

1979  Na het overlijden van J.C. Jonas stopt de zaak.

 

Afbeeldingen

Locatie(s)

Titel Adres

Bronmateriaal